Kleine of grote vennootschap? Fiscale gevolgen ‘kleine’ – ‘grote’ vennootschap. Fiscale optimalisaties en verlaagd tarief afhankelijk van: groot of klein!

20-tal fiscale gunstmaatregelen & opportuniteiten afhankelijk van ‘Grote’ of ‘Kleine’ onderneming!
Vennootschappen kunnen volgens de boekhoudwetgeving een verschillende omvang hebben dan in de fiscale wereld. Hierdoor kan een vennootschap volgens de boekhoudwetgeving klein zijn maar fiscaal ‘groot’.
Het onderscheid kan zowel in de ene richting als in de andere héél wat fiscale opportuniteiten bieden. Aan de hand van diverse voorbeelden toetsen wij die theorie aan de fiscale praktijk om tot verrassende resultaten te komen!
Concrete toepassing fiscale besparingen!

  • Welke fiscale voordelen krijgen “kleine vennootschappen”? Denk aan bv.:
    • Verlaagd tarief vennootschapsbelasting
    • Gewone eenmalige investeringsaftrek
    • Verhoogde notionele interestaftrek (?)
    • Fiscale aftrek van bij de aankoop komende kosten
    • Liquidatiereserve
    • VVPRbis
    • Voordelige minimum houdperiode voor het vastgeklikte kapitaal
  • In hoeverre is het nieuwe artikel 1:24 van het nieuwe WVV gelijklopend met het oude art. 15 W.Venn?
  • Is artikel 1:24 WVV werkelijk zo’n fiscaal vriendelijk middel om (een pak) belastingen te besparen?
  • In hoeverre zijn vennootschappen verbonden? Hoever moeten we in onze groep gaan?
  • Wat met wijzigingen in verbondenheid tijdens het boekjaar?
  • Moet ik nu echt altijd twee consolidaties maken voor elke (kleine) groep en wat brengt mij dat op?
  • Bijvoorbeeld: één en dezelfde jaarrekening kan volgens de ene methode als ‘groot’ beschouwd worden en volgens de andere methode als ‘klein’ => mag ik dan de voordeligste regel kiezen?
  • Blijf ik dan gebonden aan deze keuze voor de volgende jaren?
  • Kan ik cijfermatig besluiten dat één van deze methodes altijd de meest voordelige is, of moet ik dit groep per groep gaan berekenen?
  • Kan ik bij het opstellen van de jaarrekening wat optimaliseren om onder de drempels te blijven?
  • Als ik de grens heb overschreden, ben ik dan alles kwijt… of heb ik enkele jaren respijt? Zo ja, vanaf wanneer verlies ik dan wel alle fiscale voordelen?
  • Of nog anders: als ik groot ben, kan ik dan soms toch nog genieten van een pak fiscale voordelen die eigenlijk zijn voorbehouden voor kleine vennootschappen?
     

Sprekers

Carl Van Biervliet - Vandelanotte

Datum
27/04/2021
09:00 - 12:30
Attesten

Iab/bibf/ibr: 3,5 Uren.

Advocaten kunnen op basis van het aanwezigheidsattest de gevolgde opleiding laten valideren door de orde van vlaamse balies.

Kostprijs

De intekenprijs voor dit kennisatelier bedraagt € 218 (excl. BTW).
Bij intekening op minstens 3 verschillende kennisateliers is dit € 188 (excl. BTW) per kennisatelier en vanaf dan blijft die voordeelprijs geldig voor inschrijvingen in het lopende kalenderjaar voor de kennisateliers met basisprijs € 218.
Inschrijvingen van bijkomende deelnemers, op hetzelfde BTW nummer, voor hetzelfde kennisatelier bedragen € 168 (excl. BTW) per bijkomende inschrijving.
De kennisateliers zijn betaalbaar via de KMO portefeuille waardoor u een subsidie van 30 % (kleine onderneming) of 20 % (middelgrote onderneming) kunt ontvangen op de inschrijvingsprijs exclusief  btw. 
Meer informatie hieromtrent vindt u op de website van KMO-portefeuille.
Bij inschrijving ontvangt u steeds een bevestiging, met een routebeschrijving en de factuur.
 

27/04/2021 09:00 - 12:30